Schriftelijke vragen over overtreding van de Spoorwegwet door de NS

Deze vragen hebben wij gesteld aan staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu Wilma Mansveld en de minister van Economische zaken Kamp. Zie hieronder.

Vragen van de leden De Liefde en De Boer (beiden VVD) aan de staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu en de minister van Economische Zaken over het ACM-besluit over de overtreding van de Spoorwegwet door NS (ingezonden 6 maart 2015)

1. Bent u bekend met het artikel 'Boete NS voor machtsmisbruik'? 1)

2. Klopt het dat de Autoriteit Consument en Markt (ACM) heeft geconstateerd dat NS één of meerdere artikelen van de Spoorwegwet heeft overtreden? Zo ja, welke betreft het? Zo nee, hoe zit het dan wel in elkaar?

3. Klopt het dat de ACM voornemens was haar besluit hierover bekend te maken voordat de provincie Limburg een besluit zou nemen over de aanbesteding van het openbaar vervoer die daar op dat moment liep? Zo nee, waaruit blijkt dat?

4. Klopt het dat NS de bekendmaking van het ACM-besluit heeft tegengehouden? Zo ja, op welke wijze en op welke gronden? Zo nee, waarom niet?

5. Heeft NS met een schadeclaim gedreigd indien de ACM haar besluit bekend zou maken voordat de provincie Limburg een besluit zou nemen over de aanbesteding van het openbaar vervoer? Zo nee, waaruit blijkt dat? Zo ja, wat vindt u daarvan?

6. Bent u bereid de ACM te verzoeken haar besluit vóór het debat over de wijziging van de Spoorwegwet 2) openbaar te maken? Zo nee, waarom niet?

7. Bent u bereid de ACM te verzoeken de correspondentie tussen NS en ACM over dit onderwerp vóór genoemd debat naar de Kamer te zenden? Zo nee, waarom niet?  

8. Welke rol heeft de ACM bij de aanbesteding in Limburg gehad vanuit haar rol als toezichthouder op de spoormarkt en met het oog op eerlijke concurrentie, casu quo mededinging?

9. Wat is de mening van de ACM over de aanbesteding in Limburg en welke acties onderneemt de ACM daarop?

10. Hoe groot is de kans dat hierdoor de aanbesteding alsnog ongeldig wordt verklaard? Welke andere consequenties kan de handelswijze van NS mogelijkerwijs hebben voor de aanbesteding in Limburg?

11. Kunnen de antwoorden op deze vragen gelijktijdig met de tijdens de regeling van werkzaamheden in de Kamer op 5 maart 2015 gevraagde brief naar de Kamer worden gezonden, zodat deze kunnen worden betrokken bij het debat over de wijziging van de spoorwegwet?

1) Telegraaf van 5 maart 2015 2) Kamerstuk nr. 33 965, Wijziging van de Spoorwegwet en enige andere wetten in verband met de implementatie van richtlijn 2012/34/EU van het Europees Parlement en de Raad van 21 november 2012 tot instelling van één Europese spoorwegruimte